Een Oligodendroglioom hersentumor type

Oligodendroglioom

Een Oligodendroglioom als astrocytoom glioom hersentumor typeEen oligodendroglioom, is een primaire tumor van het zenuwstelsel en groeit vanuit het steunweefsel wat de geleiding verzorgt rondom de zenuwvezels in de hersenen.

Een oligodendroglioom is een zeldzame hersentumor en komt in twee typen voor;

  • Laaggradige tumoren (graad 2). De tumorcellen lijken sterk op de oorspronkelijke cellen. De tumor groeit meestal langzaam en zaait niet snel uit. De patiënt krijgt er vaak pas laat last van.
  • Hooggradige tumoren (graad 3 en 4), oligodendrogliomen die sterk kwaadaardig zijn. Hierbij wijken de tumorcellen sterk af. De tumor groeit snel en zaait ook snel uit. Een andere naam voor deze tumor is anaplastische oligodendrogliomen.

'Laaggradig' en 'hooggradig' staan niet gelijk aan 'goedaardig' en 'kwaadaardig'. Gliomen die in graad 2, 3 en 4 vallen gedragen zich uiteindelijk kwaadaardig. Hoe hoger de graad, hoe sneller de groei en dus hoe kwaadaardiger de tumor. Gliomen komen na behandeling vrijwel altijd terug. Hersentumoren uit graad 2 en 3 krijgen tijdens hun ontwikkeling uiteindelijk meestal een hogere graad.

Symptomen bij gliomen

De klachten van een hersentumor zijn per patiënt verschillend en hangen samen met de plek van de tumor in de hersenen. De verschijnselen kunnen variëren van epileptische aanvallen, hoofdpijn, een halfzijdige verlamming, problemen met spreken, gedragsverandering en/of vergeetachtigheid.

Moleculaire kenmerken

Oligodendrogliomen zijn het afgelopen decennium steeds meer in de belangstelling gekomen door hun gevoeligheid voor chemotherapie vanwege de moleculaire kenmerken. De tumormarkers en andere kenmerken worden uit de tumor gehaald door middel van “the new generation sequencing”. Men zoekt dan naar specifiek DNA veranderingen zoals 1p-19q co-deletie, MGMT, IDH1.

Globaal behandelschema oligodendroglioom

Bij verdenking op aanwezigheid van een oligodendroglioom: Ofwel Wait and See behandeling, dat is een behandeling om iedere 3 maanden de hersentumor te monitoren middels een MRI-scan. Dit beleid wordt ingezet als de oligodendroglioom nagenoeg geen kwaliteit van leven heeft verminderd en/of in de eerste 3 maanden geen millimeter is gegroeid. Ofwel een hersenoperatie (craniotomie) wakker dan wel onder narcose om tumor zo veel mogelijk te verwijderen met weefseldiagnose, ook om epilepsie onder controle te krijgen. Ofwel een hersenbiopsie voor weefseldiagnose.  

Erfelijkheid

Over hoe en waardoor hersentumoren ontstaan is vrijwel niets bekend. Invloeden van buitenaf lijken geen belangrijke rol bij de ontwikkeling van een glioom te spelen. Alleen patiënten die eerdere bestraling van het hoofd hebben gehad, hebben een grotere kans op een glioom. Wel is duidelijk dat erfelijke factoren mede een rol spelen, alleen niet in welke mate. Het gaat in elk geval niet om een erfelijke ziekte. Veel meer is het waarschijnlijk zo dat de aanleg om een hersentumor te krijgen al bij de geboorte aanwezig is. Van geen enkele omgevingsfactor is een relatie met het ontstaan van hersentumoren aangetoond (voeding, roken, alcohol, enz.). Ook voor een verband met het gebruik van de mobiele telefoon is er geen bewijs. Bij slechts een klein aantal erfelijke syndromen komen gliomen voor. Echter deze syndromen zijn veelal in de familie bekend, of worden ontdekt in de vroege jeugd.